10 mythes rondom het recht om vergeten te worden.

10-mythes-v2.1In mei 2014 oordeelde het HvJ dat de Spanjaard Costeja een recht heeft om zijn persoonsgegevens uit de Google zoekresultaten te verwijderen. Die uitspraak bracht een stroom aan verwijderingsverzoeken op gang. Er bestaan echter veel onduidelijkheden over dit nieuwe recht. Lexxit zet de grootste mythes op een rij.

Mythe 1: Zoekmachines hoeven alleen bij uitzondering te verwijderen.

Mythe 2: Het recht om vergeten te worden betreft het verwijderen van websites.

Mythe 3: Het recht om vergeten te worden is in strijd met de vrijheid van meningsuiting.

Mythe 4: Het recht om vergeten te worden is totaal nieuw.

Mythe 5: Ook bedrijven hebben een recht om vergeten te worden.

Mythe 6: Zoekmachines moeten websites volledig verwijderen uit de zoekresultaten.

Mythe 7: Alleen onrechtmatige websites hoeven verwijderd te worden.

Mythe 8: Iedereen heeft evenveel recht vergeten te worden.

Mythe 9: Zoekmachines mogen “verwijderde websites” inlichten over verwijderingen.

Mythe 10: Het recht om vergeten te worden geldt alleen voor Google.

Mythe 1: Zoekmachines hoeven alleen bij uitzondering te verwijderen.

Feit: Het HvJ is hierover duidelijk: zoekmachines moeten resultaten verwijderen, tenzij het publiek een overwegend belang heeft bij het weergeven van die informatie. Het is aan de zoekmachine om een dergelijk belang aan te tonen. Het HvJ oordeelde dat het privacy-belang van de betrokkene in beginsel voorrang heeft op economische belangen van de zoekmachine en het belang dat mensen hebben bij het vinden van informatie. Dat is pas anders wanneer iemand een aanzienlijke rol speelt in het publieke debat.

Mythe 2: Het recht om vergeten te worden betreft het verwijderen van websites.

Feit: De website wordt deels uit de zoekresultaten verwijderd maar wordt niet van het internet verwijderd. De website is dus nog steeds toegankelijk door de URL direct in te toetsen, via social media, of via andere zoektermen. Ook kan de website nog steeds met andere zoekmachines worden gevonden. Wie graag een website verwijderd wil zien kan daarvoor beter bij de eigenaar daarvan aankloppen.

Mythe 3: Het recht om vergeten te worden is in strijd met de vrijheid van meningsuiting.

Feit: Het recht om vergeten te worden is in feite vrij beperkt. Het betreft alleen zoektermen waarin de naam van een persoon voorkomt. De oorspronkelijke website blijft ook gewoon online staan en ook toegankelijk via andere zoektermen. De inbreuk op de vrijheid van meningsuiting valt dus wel mee.

Bovendien hebben zoekmachines de mogelijkheid een verzoek af te wijzen. Dat kan als een persoon een grote rol speelt in het publieke debat. Bijvoorbeeld de minister-president, maar ook een frauderende bankdirecteur. In dat geval heeft het publiek recht om alle resultaten te verkrijgen wanneer gezocht wordt naar de naam van een persoon.

Mythe 4: Het recht om vergeten te worden is totaal nieuw.

Feit: Het recht om vergeten te worden vloeit voort uit de Europese Databeschermingsrichtlijn uit 1995. Volgens die richtlijn hebben personen het recht om hun persoonsgegevens te laten verwijderen. Het HvJ oordeelde slechts dat de Google zoekmachine persoonsgegevens verwerkt en om die reden ook onder die richtlijn valt.

Mythe 5: Ook bedrijven hebben een recht om vergeten te worden.

Feit: Google hoeft alleen persoonsgegevens te verwijderen. Persoonsgegevens zijn gegevens over natuurlijke personen. Een rechtspersoon kan zich dus niet beroepen op het recht om vergeten te worden. Dat is anders wanneer het bedrijf een eenmanszaak of VOF is.

Mythe 6: Zoekmachines moeten websites volledig verwijderen uit de zoekresultaten.

Feit: Het recht om vergeten te worden is nu beperkt tot de naam van een persoon. Bij het zoeken naar iemands naam geeft een zoekmachine een beeld van de beschikbare informatie over een persoon, als een soort online CV. Dat vormt nogal een inbreuk op diens privacy. Tussen de resultaten zitten ook gegevens waar men liever niet (meer) mee geassocieerd wordt. Bijvoorbeeld een vervelend bericht van een jaloerse ex. Of een scheldpartij op Facebook. Het recht om vergeten te worden is een manier om de connectie tussen een naam en bepaalde zoekresultaten los te koppelen.

De website kan echter nog wel gevonden worden met andere zoektermen. Een artikel met als titel “jan is een stomkop” is bijvoorbeeld nog wel vindbaar onder de term “stomkop”, maar niet meer onder de naam “jan”.

Overigens is het niet ondenkbaar dat in de toekomst ook andere zeer persoonlijke gegevens onder het recht om vergeten te worden zullen vallen. Bijvoorbeeld: telefoonnummers, adresgegevens etc. etc. De rechtspraak zal het uitmaken. Voor nu ziet de uitspraak van het HvJ alleen op de naam van een persoon.

Mythe 7: Alleen onrechtmatige websites hoeven verwijderd te worden.

Feit: Ook rechtmatige websites kunnen uit de zoekresultaten verwijderd worden. Er is een verschil tussen de website waarop een artikel staat en de zoekresultaten waarin de website wordt weergegeven. Op de website wordt namelijk vaak een enkele gebeurtenis in iemands leven omschreven. De zoekresultaten geven echter een compleet overzicht van het leven van een persoon, meer als een soort “CV”. Dat vormt een andere inbreuk op de privacy van een persoon.

Iedereen heeft evenveel recht vergeten te worden.

Feit: Bekende personen hebben minder recht om vergeten te worden. Resultaten hoeven namelijk niet verwijderd te worden wanneer een persoon een grote rol speelt in het publieke debat. Dat kan bijvoorbeeld zijn wanneer iemand bekend is, maar ook als diegene bepaalde zeer ingrijpende misdaden heeft begaan. Wie bekendheid opzoekt geeft daarmee namelijk een deel van zijn privacy op. Dat wil niet zeggen dat bekende personen helemaal geen privacy hebben. Echte privé-onderwerpen blijven privé en vallen dus onder het recht om vergeten te worden.

Mythe 9: Zoekmachines mogen “verwijderde websites” inlichten over verwijderingen.

Feit: Zoekmachines mogen alleen websites inlichten over verwijderingen wanneer de website uit dat bericht niet kan afleiden wie om de verwijdering heeft verzocht. In de praktijk is dat meestal niet mogelijk. Wanneer een webmaster bijvoorbeeld een bericht krijgt dat zijn artikel getiteld: “Jan is een stomkop” uit de zoekresultaten verwijderd is kan daaruit afgeleid worden dat Jan de verwijdering heeft aangevraagd.

Ook het waarschuwen van zoekers dat er mogelijk zoekresultaten verwijderd zijn is, om die reden, op zijn minst dubieus te noemen.

Mythe 10: Het recht om vergeten te worden geldt alleen voor Google.

Feit: iedere zoekmachine met een vestiging in Europa valt onder het recht om vergeten te worden. Dus ook Yahoo en Bing!.

Contact.

Heeft U een vraag over dit artikel of wilt U graag een casus aan Lexxit voorleggen. Lexxit geeft U graag en vrijblijvend antwoord.

Uw naam *

Uw e-mailadres *

Uw bericht *

CAPTCHA code:
captcha
Voer aub de CAPTCHA code hieronder in en druk op “Verzenden”

Ga akkoord met onze gebruiksvoorwaarden en privacy statement.

Licentie

Creative Commons-Licentie
Lexxit Knowledge van Lexxit is in licentie gegeven volgens een Creative Commons Naamsvermelding-NietCommercieel-GelijkDelen 3.0 Unported-licentie.
Gebaseerd op een werk op www.lexx-it.nl.

Lexxit geeft vrijblijvend advies over uw casus!

Meld internetmisbruik